Meneer Spruit

“Ik kan het maar moeilijk accepteren dat mijn vrouw en ik niet meer samen zijn”

De trouwfoto van meneer Spruit prijkt op de voordeur van zijn appartement op de vierde verdieping. Een mooie herinnering én een mooi herkenningspunt voor zijn vrouw. Zij woont op een andere afdeling, maar ze trekken elke dag nog samen op.

Sinds het geheugen van mevrouw Spruit achteruit ging, was meneer Spruit mantelzorger voor zijn vrouw. Maar toen hij vorig jaar zelf een beroerte kreeg, kon dat niet meer. “We hebben eerst samen negen maanden in verpleeghuis Rijckehove gewoond”, vertelt meneer Spruit. “Van de dokter mochten we niet samen terug naar huis, dus zijn we in De Vijverhof terecht gekomen. We wonen hier sinds begin dit jaar, op aparte afdelingen. Dat is voor ons allebei erg wennen. We zijn na 58 jaar uit elkaar gehaald, verschrikkelijk vind ik dat.” Zijn vrouw vindt het ook verdrietig, maar ziet er ook de voordelen van in: “Kan je tenminste ook geen ruzie krijgen.” Ze schieten allebei in de lach.

Onrust

Samen een sigaretje roken, eten en naar de bingo. Meneer en mevrouw Spruit zijn bijna de hele dag samen. “Behalve ’s avonds en ’s nachts”, geeft meneer Spruit aan. “Dat vind ik erg hoor! Dat doen ze om mij te beschermen, vanwege mijn hartproblemen en omdat ik rust nodig heb. Maar het bezorgt me ook stress, omdat ik haar dan niet mag zien.” Zijn vrouw relativeert: ”Ach, je snurkt toch.” Weer een lach. Maar meneer Spruit is meteen weer serieus: “Ik kan het maar moeilijk accepteren dat we niet meer samen zijn. Zeker nu ik veranderd ben door de beroerte. Ik ben onrustig geworden. Ik keek altijd tv, nu nauwelijks meer. Ook las ik altijd de hele krant en klaverjaste ik graag, daar vind ik nu niets meer aan. Thuis waren we altijd samen bezig. Met het huishouden, winkelen, fietsen of autorijden. Dat zit er nu niet meer in en dat vind ik verdrietig. Ook dat we hier nu wonen en niet meer samen in ons oude huis. Dat is niet makkelijk.”

Er even uit

Gelukkig komen de kinderen en kleinkinderen zeer regelmatig op bezoek. Dochter Jacqueline is zelfs vrijwilliger bij De Vijverhof en woont aan de overkant. Meneer Spruit: “Soms gaan we daar lekker koffie drinken, dan zijn we er weer even uit. Maar evengoed gaan we bij de andere kinderen langs of we mogen mee om ‘dijkie te rijden’, wat ik ook geweldig vind. We boffen maar met onze kinderen. Wat mijn favoriete uitje zou zijn? Ik ben vroeger kraanmachinist geweest en loste schepen in Krimpen aan den IJssel. Dat heb ik zo’n 34 jaar gedaan. Dus als ik nog een keer mee zou mogen op een kraan zou dat geweldig zijn!”